1 - Wat is Marketing?
2 - Consumentengedrag
3 - Marketingomgeving
4 - Marktonderzoek
5 - Marktsegmentatie
6 - De strategische ondernemingsplanning
7 - De marketingplanning
8 - De marketingorganisatie
9 - Product en assortiment
10 - Merkenbeleid
11 - Productontwikkeling en de productlevenscyclus
12 - Groothandels- en detailhandelsmarketing
13 - Handelsbedrijven
14 - Fysieke distributie
15 - Distributiebeleid
16 - Strategische prijsbeslissingen
17 - Tactische prijsbeslissingen
18 - Promotie
19 - Reclame
20 - Persoonlijke verkoop
21 - Sales promotion, public relations en sponsoring
22 - Direct marketing
23 - Businessmarketing
24 - Dienstenmarketing
25 - Not for profit marketing
26 - Citymarketing

15 - Distributiebeleid

15.9 - Organisatievorm

De keuze van de lengte van het kanaal houdt nauw verband met de keuze van de organisatievorm van samenwerkende distributiebedrijven met wie de producent in zee wil gaan. Dit blijkt duidelijk uit het feit dat bijvoorbeeld in grootwinkelbedrijven de functies van detaillist en grossier zijn geïntegreerd. Voor wat betreft de organisatievorm kan de producent uit meerdere mogelijkheden kiezen:

Geïntegreerde verticale marketingsystemen
Alle schakels in het distributiekanaal zijn geïntegreerd (dat wil zeggen: zijn eigendom van één schakel). Voorbeeld: benzinemaatschappijen met eigen benzinestations.

Geïntegreerde distributiekanalen
Groothandel en detailhandel vormen één (geïntegreerd) geheel, bijvoorbeeld doordat de detaillist (vaak een grootwinkelbedrijf) de groothandelsfunctie zelf door middel van eigen distributiecentra uitvoert. Voorbeeld: Albert Heijn.

Semi-geïntegreerde distributiekanalen
In principe werken zelfstandige detaillisten en groothandelaren met elkaar samen. Voorbeelden: de inkoopcombinatie en het vrijwillig filiaalbedrijf.

Niet-geïntegreerde kanalen (of: conventionele distributiekanalen)
Deze distributiekanalen bestaan uit zelfstandige grossiers en detaillisten.

De keuze die de producent zal maken uit de hiervoor genoemde organisatievormen, wordt onder andere bepaald door:
  • de aansluiting van de organisatievorm op de gekozen doelmarkten (zowel naar type consument als naar gewenste toegevoegde waarde). Niet-geïntegreerde organisatievormen hebben zich meestal gespecialiseerd op bepaalde marktsegmenten;
  • de marktaandelen (omzetpotentie) die de verschillende organisatievormen vertegenwoordigen. Grootwinkelbedrijven hebben op vele markten een groot marktaandeel; een andere organisatievorm kiezen beperkt dus de omzetmogelijkheden van de producent;
  • de bereidheid tot samenwerking. De vraag is in hoeverre de producent een goede samenwerking kan verkrijgen met een bepaalde organisatie;
  • de mogelijkheden om macht uit te oefenen. De machtsmogelijkheden worden bepaald door: het marktaandeel van de organisatievorm in de betreffende productsoort, het marktaandeel van het merk van de producent binnen de productsoort; de sterkte van het merk.





Reacties

Er zijn nog geen reacties.
 Meld je aan met LinkedIn om te reageren